Banner geloof hoofdpagina Jeugd

Mijn snelweg naar de hemel

Maj 21, 2021 Maria Zboralska

„Hoe vaker we te communie gaan, hoe meer we op Jezus lijken en zo hebben we op aarde reeds een voorsmaak van de hemel” – zei de 15-jarige Carlo Acutis. De Eucharistie is mijn snelweg naar de hemel!

 

“Onze eindmeet is het Oneindige, niet het eindige. Men wacht al van in het begin op ons in de hemel”… Met zo’n geloof offerde Carlo zijn leven voor de Kerk en de Paus. Hij liet ons het getuigenis na dat iedereen kan leven volgens het Evangelie in concrete situaties. De jongen zei dat Gods Woord het kompas moet zijn waarnaar we zonder ophouden onze stappen zouden moeten richten. In zijn “rugzak op reis naar heiligheid” konden ook de dagelijkse eucharistie en communie, rozenkrans, een fragment van het Evangelie en eucharistische adoratie alsook wekelijkse biecht niet ontbreken. “Ik wil altijd één zijn met Jezus – dat is het programma van mijn leven” – bekende Carlo.

Gewoon ongewoon

Iedereen die Carlo Acutis kende, geboren op 3 mei 1991 in een rijke Italiaanse familie, benadrukte dat hij een gewone jongen was. Hij keek graag film, ravotte met de hond, leerde saxofoon spelen, hield van voetbal en computerspelen. Het feit dat hij enig kind was, of dat zijn familie een hoge maatschappelijke status had, hinderde hem niet om relaties met anderen op te bouwen. Carlo verdedigde altijd eenzame leerlingen en was altijd bereid om iedereen die het op school moeilijk had met leren te helpen. Hij hielp vooral graag iedereen die problemen had met informatica.

Triestheid is je aangezicht enkel naar jezelf wenden, het geluk komt wanneer je je aangezicht naar God keert

Hij maakte indruk door zijn groot talent (een bekend programmeur en auteur van academische handboeken voor informatica was onder de inruk van zijn kunnen) maar ook door zijn volwassen houding tegenover hedendaagse media. “Terwijl 60% van de jeugd tussen 8 en 16 jaar pornografische websites opent en zo hun seksualiteit volledig vervormt omdat dit hun emotionele ontwikkeling schaadt” – zei Carlo’s moeder – “was voor Carlo het internet een instrument voor de evangelisatie, een manier om zo ver mogelijk te reizen om overal het evangelie te verkondigen”. 

Carlo maakte een website, een tentoonstelling in het internet over eucharistische wonderen om iedereen aan te tonen dat Jezus werkelijk aanwezig is tijdens de Eucharistie. Hij was geboeid door de verhalen over het leven van verscheidene heiligen die hij ook op zijn website publiceerde. Hij verspreidde oproepen en verschijningen van de Moeder Gods en verschafte informatie over Maria-heiligdommen, overal ter wereld.

Een privilege

Carlo deed zijn Eerste Communie wanneer hij zeven jaar oud was in een kleine gesloten kloostergemeenschap van de orde van St.-Ambrosius. Van toen af vergezelde hem altijd het grote verlangen om Jezus in de Eucharistie te ontmoeten. Antonia zei: “De dagelijkse Eucharistie was zijn grootste behoefte. Wanneer we ergens naartoe reden, was zijn eerste vraag altijd of er zich in het hotel een kapel bevond waar hij Jezus kon ontmoeten. Dit is nooit gestopt, zelfs wanneer hij ziek was. Hij zei dat ‘de Eucharistie een snelweg naar de hemel’ was.”

Carlo beweerde dat we een privilege hadden ten opzichte van de mensen die 2000 jaar geleden leefden. Zij moesten toen vaak ver reizen om Jezus te ontmoeten. Wij moeten enkel naar een kerk in de buurt gaan. Daar wacht Jezus op ons! “Hoe vaker we te communie gaan, hoe meer we op Jezus gaan lijken en zo hebben we op aarde al een voorsmaak van de hemel” zei Carlo.

Het leven van Carlo is een wegwijzer voor ons hoe we kunnen leven in deze wereld, terwijl we niet van deze wereld zijn

Hij was droef wanneer hij zich besefte dat “vele mensen de ware en diepe betekenis van de heilige Mis niet begrijpen.” “Als iedereen zich bewust was van het grote geluk dat we hebben wanneer Jezus ons te eten geeft, de heilige Hostie dus, zouden ze elke dag naar de Eucharistie gaan in plaats van zich bezig te houden met zoveel onnodige zaken! […] Dankzij de vruchten van de dagelijkse Eucharistie heiligt zich de ziel van de mens op een buitengewone manier en riskeert ze niet het gevaar om niet verlost te worden.”

Carlo was niet enkel bedroefd vanwege het feit dat zovele katholieken de Eucharistie niet naar waarde schatten. Hij leedt erg onder het bewustzijn dat er vele priesters waren die zonder de gepaste eer en enkel uit gewoonte en routine de Eucharistie opdroegen. Hij probeerde zich altijd te concentreren en voegde ook zijn gebedsintenties aan het offer toe. “Wie kan het beter voor ons opnemen dan God, die zich voor ons aan Zijn Vader offert?” vroeg hij.

Geraakt door oneindige liefde

Carlo bleef gewoonlijk na de misviering nog een tijdje in de kerk om Jezus te aanbidden. Hij begreep de woorden van de heilige Johannes Paulus II goed: “Het is mooi om bij Hem (Jezus) te zijn, om dicht aan zijn borst te liggen als zijn geliefde leerling (vgl. Joh 13,25) en om de oneindige liefde te voelen van zijn hart” (Ecclesia de Eucharistia, 25). “Wanneer we in de zon staan, wordt onze huid bruin…, maar wanneer we voor de eucharistische Jezus staan worden we heilig”, zei Carlo.

Hij zei eens aan zijn vader die hem een bedevaart naar Palestina had voorgesteld, het volgende: “Jezus verblijft onder ons overal waar er een geconsacreerde Hostie aanwezig is. Wat is de zin om naar Jeruzalem te reizen en plaatsen te bezoeken waar Hij 2000 jaar geleden verbleef? Men zou het tabernakel met even grote godsvrucht moeten bezoeken”.

Een speciale opdracht

Alhoewel Carlo nooit naar Jeruzalem reisde, ging hij met grote vreugde op bedevaart naar de Maria-bedevaartsoorden in Lourdes en Fatima waar Gods Moeder opriep tot gebed en boetedoening. Zijn moeder Antonina getuigde dat Carlo “zeer onder de indruk was van de woorden van Maria in Fatima, dat er vele zielen naar de hel zullen gaan omdat er niemand is die ervoor bidt of boete doet.

De jongen was duidelijk bewust van wat we op aarde voor deze zielen in het vagevuur kunnen doen. Hij verzaakte op eenvoudige manier aan kleine zaken, b.v. hij at geen dessertje, of ging niet naar een film die hij graag wou zien, en offerde dit ter intentie van deze zielen.

Hij gaf dit alles in de handen van Maria om het te offeren voor hen die reeds gestorven waren”… “Triestheid is je aangezicht enkel naar jezelf wenden, het geluk komt wanneer je je aangezicht naar God keert” – zei Carlo. Hij bad dagelijks o.a. opdat alle mensen Christus zouden leren kennen.

Hij verzuimde nooit om tijd te geven aan anderen: aan kinderen in het oratorium, armen die bij de Kapucijnen konden komen eten. Zijn mama herinnert zich goed: “Hij stond stil en praatte met iedereen die hij op zijn weg tegenkwam, zelfs wanneer hij met de fiets reed. Hij bracht dekens en warm eten aan daklozen. Hij dacht altijd aan de anderen.

De jongen zei, dat Gods Woord het kompas moet zijn waarnaar we zonder ophouden onze stappen zouden moeten richten

Wanneer hij schoenen nodig had, kocht hij een paar voor zichzelf; een tweede paar schonk hij aan een arme. […] Op de dag van zijn begrafenis was de kerk boordevol. Er kwamen veel mensen die ik nooit eerder gezien had: uitgestotenen, zwervers… Elke persoon was voor Carlo belangrijk. Hij zag in ieder mens het gelaat van Christus.”

Het verlangen om iedereen tot bij Jezus te brengen droeg al vruchten tijdens het leven van de jongen. Dankzij zijn gebed ging de moeder van een van zijn vrienden na 30 jaar weer biechten. Een van de Indische vrouwen die voor de familie Acutis werkten liet zich dopen.

Een bijzonder training

Hoe kwam het dat Carlo voorbereid was om zijn jawoord aan God te geven wanneer de dokters de diagnose leukemie stellen? Was het omdat hij het jawoord “getraind” had tijdens zijn leven in alledaagse situaties b.v. tegenover armen, aan wie hij ja zei omdat hij in hen Jezus zag, zijn jawoord aan allerlei kleine offers ter intentie van anderen, zijn neen tegen alles wat zijn relatie met God en de anderen kon vernietigen… ?

Zijn naasten, die bewust waren van de ernst van de gezondheidssituatie van de nu 15-jarige Carlo rekenden op een wonder.

Her ziekenhuispersoneel herinnert zich Carlo als een buitengewone patiënt. De dokters een verpleegster waren zeer ingenomen met de houding van de jongen die zwaar leed maar niet klaagde. Vanaf het begin van zijn lijden zei hij dat hij het alles offert aan God ter intentie van de Heilige Vader en de Kerk. Hij bekende: “Ik ben klaar om te vertrekken omdat ik mijn leven geleefd heb zonder maar een minuut te verspillen aan iets wat God niet bevalt”. Hij stierf op 12 oktober 2006. Op 10 oktober 2020 werd hij zalig verklaard door Paus Franciscus.

Het leven van Carlo is een wegwijzer voor ons hoe we kunnen leven in deze wereld, terwijl we niet van deze wereld zijn. Hoe we Gods fascinerend plan, dat Hij reeds vanaf het begin voor ons voorbereidde, kunnen helpen waarmaken en anderen kunnen helpen om het te ontdekken.

Het voorbeeld van deze jongen herinnert ons eraan, en vooral diegenen die door de wereld gemarginaliseerd worden, hoe groot de waardigheid van de mens is wanneer Jezus elke dag weer tot ons komt in de Eucharistie. Laat ons deze uitnodiging niet zonder antwoord laten…

Bronvermelding:CarloAcutis.com; N. Gori, EUCARISTIA mia autostrada per il cielo